Natuurbehoud en voedselvraag

We hebben maar een aarde. Zij kan in ons levensonderhoud voorzien maar haar capaciteit heeft grenzen. De mens heeft een gemiddelde voetafdruk van 2,7 mondiale hectare, terwijl er maar 2,1 per inwoner beschikbaar is (Living Planet Report 2008). Vooral rijke landen leven ver boven hun stand. De soortenrijkdom wereldwijd is tussen 1970-2005 met gemiddeld 30 procent afgenomen. In de tropen zelfs met 50 procent.

De productie is op dit moment vaak niet duurzaam. Zo leidt gebruik van bijvoorbeeld hout, palmolie en soja tot ontbossing en wordt ruim 80% van visbestanden wereldwijd al overbevist. De verwachting is dat we in 2050 met 9 miljard mensen de planeet bevolken. Mensen die allemaal moeten eten, drinken, werken, wonen en recreëren. De druk op natuurlijke hulpbronnen en diensten van natuur zal in de komende decennia alleen maar toenemen.

Er zijn verschillende scenario’s denkbaar hoe de wereld er in 2050 uit zal zien. Met de missie: bouwen aan een toekomst waarin de mens leeft in harmonie met de natuur. In het belang van de natuur en in het belang van de mens die de natuur nodig heeft, streeft het Wereld Natuur Fonds ernaar de footprint te verlagen tot binnen de capaciteit van de aarde, om op een duurzame manier te leven en te produceren. Daarnaast werkt het WNF ook aan het behoud van biodiversiteit.

Samenwerking is een kernbegrip voor het Wereld Natuur Fonds. Een oplossingsrichting is krachtiger wanneer deze breed gedragen wordt en niet ieder op zijn eigen eilandje een oplossing probeert te vinden. Een voorbeeld hiervan is de samenwerking van het Wereld Natuur Fonds met internationale bedrijven die een sleutelrol spelen in de grondstofketens zoals soja, palmolie en vis. Het WNF werkt in dit programma in internationaal netwerkverband en koppelt haar veldactiviteiten aan de mondiale vraag naar deze grondstoffen.

Monique Grooten
Program Leader Footprint
Wereld Natuur Fonds



Eén aarde is groot genoeg, ook in 2050

Land, water, voedingstoffen en het weer bepalen hoe een plant groeit en hoeveel voedsel er geproduceerd kan worden. De afgelopen eeuwen zijn er veel natuurlijke gebieden veranderd in landbouwgrond. Verdere ontginning is echter niet wenselijk. Bij het kappen van bos en het blootleggen van grond komen namelijk veel broeikasgassen vrij die bijdragen aan klimaatverandering. Bovendien verdwijnen belangrijke soorten planten en dieren. Ook kunnen de gronden bij slecht beheer degraderen.

Prem BindrabanDe noodzaak om de wereldbevolking van voldoende voedsel te voorzien waarbij het verlies aan broeikasgassen minimaal optreedt en degradatie een halt wordt toegeroepen blijft echter en vraagt om een goed doordachte en gebalanceerde aanpak. Er is voldoende capaciteit op aarde om het voorspelde bevolkingsaantal van 10 miljard mensen in 2050 een goed bord eten te geven. Om de ecologische voetafdruk daarbij zo klein mogelijk te houden, moet de uitbreiding van landbouwgrond geminimaliseerd worden en de huidige productie binnen ecologische randvoorwaarden geïntensiveerd. Het gebruik van passende technologieën is daarbij onontbeerlijk.

Er zijn echter grote spanningen te verwachten wanneer de reeds schaarse natuurlijke hulpbronnen eveneens ingezet worden voor andere doeleinden, bijvoorbeeld voor bio-energie. Om vergroting van het voedselprobleem te voorkomen, is het van groot belang dat de snelheid waarmee de productie van voedsel toeneemt, groter is dan de snelheid waarmee de vraag naar voedsel stijgt.

Prem Bindraban
Director ISRIC – World Soil Information
Leader International Research – Agrosystems Research
Wageningen University and Research Center